ForumsWeblogsNieuws & TipsFoto albumsReisgenotenErvaringenWereldreisVrijwilligerswerkReismarktReiscaféWie helpt mee?

Ga terug   Wereldwijzer Reis Forums > Blogs > C J











Waarderingscijfer: 2 stemmen, 5,00 gemiddelde.

Bali-Nusa Penida@ Indonesie

Geplaatst op 12-07-11 om 11:26 door C J

BACKPACKEN 2010 Bali & Nusa Penida

Geuren van wierook, kreteksigaretten en ontbindende lijken... op de achtergrond het geluid van de ijscoman.....

Na onze avonturen in Yogyakarta vliegen we door naar Bali, waar we midden in de nacht in Ubud op zoek moeten naar een slaapplaats wat erg tegen blijkt te vallen. Na wat onderhandelingen (tja ook midden in de nacht zeggen we niet meteen ja op een slaapplekje) stapt B achter op de scooter op weg naar de kamer. A blijft alleen achter, want drie personen en twee backpacks kunnen niet samen op een scootertje. En nu maar hopen dat de man met zijn scooter óf B terugkomt, want anders wordt het een lange, eenzame nacht op straat. Bellen gaat niet en de plek van onze slaapplaats is ook nog een verrassing. Gelukkig wordt ook dat mysterie opgelost en brengen we de nacht veilig in een twijfelaar op een wat smoezelige kamer door. Lang leve het hoeslaken dat we van thuis hebben meegebracht voor bedden als deze.

Struikelend over de hordes toeristen, over de vele offertjes of over de Balinezen die, totaly dressed up, deze offers neerleggen, brengen we 3 dagen in Ubud en omgeving door.
Hierna stappen we op de lokale ferry die ons naar Nusa Penida (eilandje 25 km vanaf Bali) brengt, waar we worden opgehaald door Komang en zijn neefje. We maken kennis met de familie en worden een paar huizen verderop gebracht naar onze slaapplaats bij Ibu Ketut, een tante van Komang.

Onze slaapplaats is een zeer eenvoudig driekamer huisje op een erfje waar ook de tweekamer'huisjes' van Ibu Ketut en andere familie? vrienden? buren? staan. Diverse (en steeds wisselende) volwassenen en kinderen hangen, zitten, liggen, werken en lopen over dit erfje heen en weer en bij elkaar naar binnen. Hoe de onderlinge relaties tussen al deze mensen zijn, is ons een raadsel en zal ons tot ons vertrek een raadsel blijven.
Zeker aangezien ze allemaal geen woord Engels kunnen, waardoor wij ons snel een paar Indonesische basiswoorden eigen maken of met handen, voeten, druk ja-knikkend en veel gelach communiceren.

We delen hier een kamar mandi (achter op het erfje) met de familie/vrienden/buren die hier ook wonen. Een kamar mandi is een vochtig, (in ons geval) schimmelig hokje met een hurkwc, waarvan de doorspoelknop bestaat uit een waterbak waar je water uit moet scheppen om mee door te spoelen. Verder hebben we een douchekop waar koud water uit komt. Een luxe vergeleken met de douche van de buurvrouw. Zij doucht zich buiten onder een tuinslang die in een boompje hangt, waarbij ze soms haar (te grote, vieze en kapotte) kleding aanhoudt om deze meteen mee te wassen. Veel mensen lopen hier in niet goed passende, oude, kapotte kleding rond of met alleen maar een sarong aan. Wasmachines kennen ze niet en de droger is een boom of struik die op het erf of langs de kant van de weg staat. De keuken bestaat uit een afdakje waaronder een vuurtje brandt.
Op ons jungle kamp na, hebben we nog niet eerder ergens zo primitief mee mogen leven.
Mensen voorzien zich in hun levensonderhoud door het fokken en verkopen van runderen en babi's (varkens) of het kweken van zeewier, wat ze laten drogen waarna het in Japan/China gebruikt wordt voor medicijnen. Internet, banken, hotels en restaurants zijn er niet. Wel de lokale markt waar je de kippen en eenden nog levend kunt kopen en warungs (lokale eettentjes) waar je prima kunt eten.
Rijst is er ook. Heel veel rijst. Als ontbijt, lunch én avondeten. Als voorgerecht, hoofdgerecht én nagerecht. In snoepjes, cakejes én toetjes. Creatief met rijst!
Gelukkig krijgen we ook andere dingen te eten dan rijst. Wat te denken van versgevangen vis, bereid met ingewanden of kip met vet, botjes en 'knoebeltjes'. Dit alles geserveerd met sambal, ketjap en..... rijst.

We komen aan op Onafhankelijkheidsdag, wat we ´s avonds met de locals mee vieren. We zitten op betonnen tribunes waar we luisteren naar een man die op het podium een ellenlang verhaal staat te vertellen wat we echt slaapverwekkend vinden. Eerst denken we dat dit komt omdat we de taal niet kennen, maar als we om ons heen kijken zien we dat we niet de enige zijn die niet echt meeleven/luisteren met het verhaal. Er ligt iemand op het beton te slapen, terwijl anderen druk met elkaar kletsen, telefoneren, sms’en óf ons aan zitten te staren omdat we de enige blanken zijn in dit grote gebouw (en op zowat het hele eiland.) De een blond en de ander zonder haar = gegarandeerd een publiekstrekker!
In Nederland zouden we al dit gedrag onbeleefd vinden, maar dit begrip lijkt niet in de Indonesische taal voor te komen aangezien ze elkaar ook nog eens recht in het gezicht uitlachen, flinke keelgeluiden maken alvorens op de grond te spugen én het laten van boeren en scheten en smekkend en smakkend eten meer regel dan uitzondering is.

Met ons brommertje tuffen we delen van het eilandje rond. Zigzaggend om de vele hobbels en bobbels te ontwijken, waarbij we af en toe enkele centimeters van ons zadel omhoogkomen omdat we net weer een kuil niet hebben gezien. Of bijna voorover de brommer afvliegen omdat ze hier geen borden hebben die waarschuwen voor overstekende hanen of honden, die dit met grote regelmaat doen. Nog eens extra opletten wordt het als het een overstekende kip betreft, aangezien deze nogal eens een stoet kuikentjes achter zich aan heeft hobbelen.
De meeste hanen zitten echter veilig onder een mand weggestopt, waar ze af en toe onderuit worden gehaald door een trots baasje die met zijn haan andere trotse baasjes wil imponeren. Ze laten de hanen elkaar in de veren vliegen, maar houden wel hun poot vast zodat ze elkaar niet echt kunnen verwonden. Dat bewaren ze voor bepaalde ceremonies, waar ze de hanen messen onder binden om met elkaar te gaan vechten tot de dood volgt.
Hier zijn wij echter geen getuige van geweest. En hoe zeer we ook van andere culturen houden, gelooft A niet dat dit iets wat ze perse had willen zien. Al moet ze bekennen dat ze wel erg nieuwsgierig aangelegd is en er stiekem best meer van had willen weten. Van B kunnen we bijna meteen zeggen dat hij eerste rang had willen staan bij een dergelijk gevecht, maar dat zal waarschijnlijk wel zo’n mannending zijn.

We huren een dagje een boot met kapitein, waarmee we andere eilandjes bezoeken en varen door een mangrovebos. Samen met Komang brengen we een bezoekje aan het eilandje waar zijn ouders wonen, die ons ook meteen eten toeschuiven waar we zeker wel wat van willen proeven.
Als moeder hierna een spies met gegrilde vis (geen idee hoe lang het daar al ligt uit te drogen) tussen de planken en het rieten dak vandaan haalt en aanbiedt, bedanken we (voor het eerst) toch maar even.

Vlak hierna laten we ons door de zeer sterke stroming meesleuren, als we snorkelend aan het genieten zijn van de prachtige onderwaterwereld van Nusa Penida.
Na een avondmaal van de met een harpoen gevangen koraalvissen, lopen we in de donkere avond terug naar Ibu Ketut, wanneer we voor ons twee honden naar ons blaffen en janken. Oei, dit vinden we stiekem wel een beetje eng. Als we twijfelend doorlopen, horen en zien we achter ons ook een woest blaffende hond. We voelen ons wat ingesloten en schijten 'm best wel. Hopend niet aangevallen te worden en proberend geen angst te laten voelen, lopen we stoer door. Gelukkig is 3 meter verder het poortje naar ons erfje en vluchten we snel veilig terrein op.

Na een dagje te zijn verbrand op het strand (tip: val NIET midden op de dag in slaap op het strand) krijgen we een sarong om, om mee te mogen kijken en luisteren bij een muziek-oefenles (traditioneel Balinees muziek) van Komang. Vooral luisteren is iets wat we tijdens dit bezoek veel doen, aangezien op een groot deel van het eiland de stroom weer eens uitvalt en ook wij in het donker komen te zitten. Dat dit vaak voorkomt is iets waar we al eerder achtergekomen zijn, en de mensen hier zijn dan ondertussen ook heel behendig geworden in spelen in het donker.

's Morgens worden we alweer vroeg wakker door het vele hanengekraai en de geluiden van het leven dat hier al om 5 uur begint (dat van ons niet hoor). En klimmen we steevast snel ons bed uit om op de kamar mandi met onze blote voeten op de rand van de wc, de mieren en kakkerlakken goedemorgen te wensen, waarna we een stap opzij doen voor een lekkere, koude douche. Billen afvegen is niet nodig......
Maar doen we natuurlijk wel hoor. We zeggen het er maar even bij voordat jullie ons dadelijk ineens met andere ogen gaan bekijken.

Tijdens een rondje lokale markt stoppen we bij een kraampje waar Komang eten voor de lunch haalt. Het is even slikken als we zien waar ons eten vandaan komt. De pannen zijn (enigszins) afgedekt met bananenbladeren, waarop de vliegen een dutje doen en dikke mieren overheen marcheren. Ach, bijna alles wat we de afgelopen dagen gegeten hebben komt van deze markt, dus dit zullen we ook wel overleven. Getuige van het feit dat ik dit nu zit te typen, is dat inderdaad het geval.

We worden hier dag in dag uit aardig verwend (zeg maar gerust volgepropt) en moeten alles uitproberen. Hoe hard we ook roepen dat we graag willen delen: alles is voor ons. Uit beleefdheid eten we elke keer alles netjes op. We zijn erg dankbaar voor onze goede opvoeding...
(voor wie niet tussen de regels door kan lezen: de laatste zin was enigszins sarcastisch bedoeld, haha)

Een dag of wat later krijgen we een Merapi-flashback als we een flink eind omhoog moeten naar een gigantische grot (waarin je een voetbalwedstrijd zou kunnen spelen) waar een tempel inzit. Diverse mensen zitten hier te bidden, en ook wij hebben netjes onze sarongs om en mogen erbij gaan zitten. Zo stappen we enkele gebedjes later, met bloemen achter onze oren en een paar rijstkorrels op onze voorhoofden naar buiten.
Na een aantal geweldige dagen zit ons verblijf op dit eilandje erop en pakken we onze spullen in.

A pakt een shirtje vast die op haar tas ligt en laat die weer snel los als die blijkt te krioelen van miertjes. Rondom en onder haar backpack is een soort van mierennest ontstaan, vol met mieren die nu verschrikt met óf zonder eitjes alle kanten op lopen te sjouwen. Na alles uitgepakt i.p.v. ingepakt te hebben, worden alle kleren en de tas uitgeklopt. En na honderden (serieus!) mieren te hebben verjaagd en de tas weer opnieuw te hebben ingepakt, zwaaien we het eiland en de mensen gedag.

Terug op Bali huren we een appartementje op Candidasa waar we de laatste vakantiedagen doorbrengen. Hier relaxen we wat en gaan op onze brommer de omgeving verkennen.

Zo ook op de dag waar de titel over gaat.

We zijn op weg naar Ubud als we onderweg stoppen voor een drankje en aan de praat raken met een local. En zo neemt onze dag een andere wending en wil het gebeuren dat we even later achter de local aanrijden naar de gemeenschapsplek van het dorpje daar.

Na een korte kennismaking met het dorpje en haar inwoners besluiten we een hapje te gaan eten bij de warung waar we al eerder waren, alvorens terug het dorpje in te gaan voor een bijzondere happening. Na handen en voeten werk en het woordje makan (eten) krijgen we bijna een papieren zakje rijst geserveerd, als we meerdere minimiertjes op het pakketje signaleren. Nu moeten we duidelijk maken dat we toch niet hier willen eten maar ergens anders, wat nog lastiger duidelijk te maken is. Even later zitten we dan toch bij een warung aan de kant van de weg. Het eten hier is al bereid maar gelukkig 'netjes' afgedekt door bananenbladeren. Gelukkig zitten hier geen mieren... alleen maar vliegen. We nemen het zekere voor het onzekere en bestellen maar een colaatje bij dit 'heerlijke' eten vol vet knoebeltjesvlees.
Na een bezoekje aan de wc, wat hier gelijk staat aan 'met je blote kont in de grassprieten zitten achter een riet hutje waar een meisje stiekem vanachter het raam mee zit te gluren', kunnen we terug naar het dorpje.

Even later hebben we nog meer moeite met onze lunch dan we al hadden, als we tussen wel honderd Balinezen op het kerkhof staan.
De geuren van wierrook, kreteksigaretten, omgewoelde aarde en ontbindende lijken hangt overal om ons heen in de lucht, terwijl in wel 20 graven tegelijk heel families hun doden van de afgelopen 5 jaar aan het opgraven zijn. Ondertussen horen we het vrolijke getingel van de ijscoman, waar kinderen hun ijsjes en drinken gaan halen. Familieleden juichen hard wanneer de linnen doeken met de resten (hoe deze eruit zien hangt natuurlijk van de datum van overlijden af) uit het graf worden gehaald. Hierna worden de botten gewassen en in manden opgeborgen.
Ondertussen worden er offers (al dan niet met levende kuikens) in het graf gezet. De komende 2 dagen zullen de families met elkaar doorbrengen om op dag 3 de overblijfselen te cremeren. Dit gaan wij echter niet meemaken, aangezien we dan in Kuala Lumpur zullen zitten.

Deze ceremonie is op Bali een vrolijke aangelegenheid, aangezien de mensen denken dat de doden straks naar het hiernamaals/een volgend leven zullen gaan. Voor ons is het echter een bizar iets om mee te maken. Gelukkig vinden de mensen het niet erg dat we hier als twee nieuwsgierige toeristen bij zijn. Ze vinden het juist erg leuk en maken graag heel veel praatjes met ons. Als ze vragen waar we vandaan komen, antwoorden we in keurig Indonesisch met Belanda (Holland) waarop we bijna standaard een heel verhaal in het Indonesisch krijgen omdat ze denken dat we hun taal spreken. Echter komen we bijna niet weg van de begraafplaats, terwijl we na een behoorlijke tijd toch echt helemaal klaar zijn met de lijkenlucht. Na een uitnodiging voor een drankje en alweer een cakeje (zucht...) stappen we even later een hele ervaring rijker op de brommer terug naar Candidasa. Op een rare manier was dit wel een superdag die ons nog lang zal bijblijven en die we ('gelukkig' voor jullie) met jullie kunnen delen, doordat we het op film hebben vastgelegd.

De laatste dag op Bali gaan we raften (met z'n tweeen en een gids in het bootje: joehoe, geen toeristen te bekennen) op soms wild water door groene valleien met watervalletjes. Aan het eind van deze twee uur durende tocht 'vallen' we met ons bootje een 4 meter hoge waterval af, wat voor ons een super manier is om ons avontuur mee af te sluiten.
Maar niet nadat we nog een dagje in Kuala Lumpur zijn geweest, waar we een van de tig shoppingmalls in duiken op zoek naar koopjes om onze, toch al overvolle, backpacks verder mee te vullen.

En dan zit het er na zo'n 17 uur vliegen toch echt op en arriveren we enigszins uitgeput weer in ons eigen kikkerlandje!


plaats gerust een reactie!
Bijgesloten foto's
Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  1097486070_5_VQ7r.jpeg
Bekeken: 1721
Grootte:  95,9 KB   Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  1097438437_5_rHac.jpeg
Bekeken: 1682
Grootte:  161,9 KB   Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  P8211206.jpg
Bekeken: 1610
Grootte:  72,2 KB   Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  P8251301.jpg
Bekeken: 1559
Grootte:  174,0 KB  

Klik op plaatje voor grotere versie

Naam:  P8181044.jpg
Bekeken: 1526
Grootte:  98,6 KB  
Geplaatst in Azië
Bekeken 2892 Reacties 2
Alle reacties 2

Reacties

  1. prachtig!!!

    WAT EEN PRACTIGE BELEVENIS!!! WIJ WONEN AL VIJFJAAR IN THAILAND . MOOI VERHAAL GR, Sjannette
    Geplaatst op 10-08-11 om 09:07 door sjannette sjannette is offline
  2. Nusa Penida / Bali / Indonesie

    Heel leuk en realistisch geschreven.

    Woon zelf ook op Bali en herken er wel iets van.
    Geplaatst op 01-10-11 om 19:36 door paulana paulana is offline
 








MEI 2012
Peiling: Reisprogramma's TV
Reisfoto Verkiezing: Inzenden foto's
Uitslag Reis Awards 2012


JUNI 2012
Reisfoto Verkiezing: Halve finale


SEPTEMBER 2012
Wereldwijzer Azië dag


WERELDWIJZER VOORDEEL
10% korting op je reisverzekering
10% korting op buitenlandse SIM kaarten

Adverteren | Persberichten | Contact || Huisregels Wereldwijzer | Gratis registreren Facebook Twitter RSS feed Wereldwijzer

Forum software: vBulletin
Copyright ©2000 - 2012, Jelsoft Enterprises Ltd.
SEO by vBSEO